Plutarch feiten


De Griekse biograaf, historicus, essayist en moralist Plutarch (ca. 46-ca. 120) is beschreven als een van de meest invloedrijke schrijvers die ooit heeft geleefd.

Paradoxaal genoeg had Plutarch, de man die de biograaf was van vele anderen, geen enkele biograaf, behalve een schaarse vermelding in Suidas. Wat we van zijn leven weten is gereconstrueerd aan de hand van toevallige verwijzingen in zijn eigen werk. Plutarch werd blijkbaar geboren uit een rijke familie in Chaeronia in Boeotia, had twee broers, Timon en Lamprias, en een grootvader met de naam Lamprias. De namen van zijn ouders zijn onzeker. Sommigen zeggen dat zijn vader Autobulus heette, sommigen zeggen Nicarchus, en we kennen een overgrootvader die Nicarchus heet. Plutarch zou een liberale opleiding hebben gehad in Athene, waar hij in 66 jaar natuurkunde, retoriek, wiskunde, geneeskunde, natuurwetenschappen, filosofie, Grieks en Latijnse literatuur studeerde. Ammonius van Lamptrae, een Plato-geleerde met religieuze en neoplatonische interesses, kan zijn leraar geweest zijn. Om zijn opleiding af te ronden, reisde Plutarch uitgebreid in Griekenland en Klein-Azië en bezocht hij Alexandrië, Egypte.

Plutarch trouwde met Timoxena, dochter van Alexion (ca. 68), die hem vier zonen, Soclarus, Chairon, Autobulus en Plutarchus, en een dochter, Timoxena, baarde. Alleen Autobulus en Plutarchus overleefden Plutarchus. Alle bewijzen wijzen op een gelukkig huwelijk en een hechte familie. Andere familieleden die in de Moralia als familieleden worden genoemd zijn Craton, Firmus, en Patrocleas.

Plutarch gaf les in Chaeronia en vertegenwoordigde zijn volk voor de Romeinse gouverneur en in Rome. In Rome legde hij belangrijke contacten en gaf hij lezingen over filosofie en ethiek in verschillende delen van Italië. Hij bracht veel tijd door in Italië tussen 75 en 90 jaar; hij beheerste blijkbaar nooit de Latijnse taal, hoewel hij de vriendschap van opmerkelijke Romeinen verwierf. De tweede helft van zijn leven genoot Plutarch van de intellectuele voordelen van de Pax Romana, voornamelijk in Chaeronia. Hij bekleedde vele burgerlijke functies, zowel hoog als laag; de meest opvallende was die van hoofdpriester van Delphi— hij bekleedde met onderscheiding gedurende 20 jaar en verheven tot een belang dat het in zijn tijd niet had gehad. Tijdens het laatste deel van zijn leven zou hij het grootste deel van de Levens hebben geschreven en enkele delen van de Moralia.

Zijn werken

Plutarch is misschien wel het meest bekend om de Moralia en de Levens,werken die veel gemeen hebben en een enorme invloed hebben gehad op latere schrijvers en de literatuur van Europa en zelfs Amerika. Hij was zeer begaan met het morele gedrag van de mens en de individuele morele leiding in een tijd waarin de mens zijn geloof in religie en filosofie aan het verliezen was. De Moralia, geschreven als dialogen, brieven en lezingen, is eigenlijk een verzameling van 83 verhandelingen over uiteenlopende onderwerpen zoals vegetarisme; bijgeloof; epicurische, stoïcijnse en academische filosofie; diëtetiek; goddelijke rechtvaardigheid; profetie; demonologie; echtelijke relaties; gezinsleven; mystiek; en nuttige leefregels.

De Levens (vaak Parallel Lives genoemd) zijn biografieën van soldaten en staatslieden met een goede reputatie, meestal gepresenteerd in levensparen, eerst een Griek, dan een Romein, gevolgd door een vergelijking. Drieëntwintig daarvan hebben het overleefd en vier enkele levens; vier vergelijkingen ontbreken dus. Er is geen gedetailleerde chronologie, maar de Levens zijn waarschijnlijk tussen 105 en 115 gepubliceerd. Plutarch maakt voornamelijk gebruik van Griekse bronnen en is geïnteresseerd in het bieden van plezier en begeleiding voor moreel en politiek gedrag. De taal van Plutarch is over het algemeen helder en helder.

Plutarch was geen diepzinnig filosoof maar een popularisator in de beste en meest duurzame zin van het woord. Hij vestigde geen filosofisch systeem, maar was eclectisch in zijn gebruik van verschillende systemen. Hij bewonderde Plato van harte en kende Pythagoras en andere Griekse filosofen. Hij had veel kritiek op het epicurisme en het stoïcisme, maar gebruikte deze systemen zoals het hem goed uitkwam. Eén criticus vindt hem een humanist bij uitstek; anderen zien hem neigen naar mystiek en monotheïsme. Hij was een auteur met een ongewoon gezond verstand die Sir Philip Sidney, Edmund Spenser, Ben Jonson, William Shakespeare, John Dryden, John Milton, Robert Herrick, George Chapman, Jonathan Swift, Walter Savage Landor, William Wordsworth, Robert Browning, Mary Shelley en H beïnvloedde. G. Wells in Engeland; Ralph Waldo Emerson en Herman Melville in de Verenigde Staten; J.W. von Goethe en Friedrich von Schiller in Duitsland; en het Franse drama van de late 16e en de hele 17e eeuw. Sir Thomas North’s Engelse vertaling van de Lives (1579) voorzag Shakespeare van de bronnen voor drie toneelstukken, en het was de vertaling (1559) van de Fransman Jacques Myot die Plutarch ter beschikking stelde aan het Noorden en via het Noorden aan de Engelstalige wereld.

Verder lezen op Plutarch

De Loeb Classical Library’s Plutarch’s Lives, vertaald door Bernadotte Perrin (11 vol., 1914-1926), is onmisbaar, evenals de Loeb’s Plutarch’s Moralia, vertaald door Frank Cole Babbitt en anderen (15 vol., 1927-1969). Een uitputtende en nog steeds essentiële studie is bisschop Richard C. Trench, Plutarch: Zijn leven, zijn leven en zijn moraal (1873), dat tot Reginald Haynes Barrow, Plutarch and His Times (1967) de primaire studie bleef. C. J. Gianakaris, Plutarch (1970), is een handige synthese en beoordeling die een uitgebreide bibliografie bevat. Een werk over Plutarch’s morele belangen is George D. Hadzsits, Prolegomena to a Study of the Ethical Ideal of Plutarch and of the Greeks of the First Century A.D. (1906); en over religie, John Oakesmith, The Religion of Plutarch (1902).

Speciale studies leveren een krachtig bewijs van de wijdverspreide invloed van Plutarch: Frederick Morgan Padelford, trans. en ed., Essays on the Study and Use of Poetry by Plutarch and Basil the Great (1902); Roy Caston Flickinger, Plutarch as a Source of Information on the Greek Theater (1904); Charles Frederick Tucker Brooke, ed, Shakespeare’s Plutarch (2 delen, 1909); Roger Miller Jones, The Platonism of Plutarch (1916); Edmund Grindlay Berry, Emerson’s Plutarch (1961); en Terence John Bew Spencer, ed., Shakespeare’s Plutarch (1964). Aanbevolen overzichten van de klassieke geschiedschrijving met discussies over Plutarch zijn Michael Grant, The Ancient Historians (1970), en Stephen Usher, The Historians of Greece and Rome (1970).


GOSTOU? PARTILHE COM OS SEUS AMIGOS!